• Evert de Graaf geeft op 18 november een lezing over de rol van de politie in Putten aan het eind van de oorlog en vlak daarna.

    Archief BDU

Evert de Graaf leeft bij historie

PUTTEN 'Puttense politie uit de pas: 1944-1945.' Het is de titel van de jongste lezing van de Puttense historicus Evert de Graaf (73). Hij werkt nog aan een lezing over Prins Bernhard.

Wijnand Kooijmans

,,Ik merk aan bronnen die ik raadpleeg in de archieven van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD) en het Nationaal Archief (NA) in Den Haag dat prins Bernhard contact heeft gehad met mensen van het Puttense verzet. ,,Maar iedere verzetsman, verhoord na de oorlog beriep zich op een zwijgverbod. Toch heb ik sterke aanwijzingen voor de betrokkenheid van Prins Bernhard bij wat gebeurde in de oorlog vanaf het moment dat hij leider werd van de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten. Bepaalde dossiers zijn nog steeds toegankelijk, omdat er nog nabestaanden leven. De lezing over Prins Bernhard is nog niet af, maar die hoop ik in de nabije toekomst te houden."

PERIODE De lezing over de rol van de politie is wel rond en wordt 18 november door Evert de Graaf gegeven in boerderijmuseum De Mariahoeve in Putten. Het gaat over de periode tussen 5 september 1944 (Dolle Dinsdag), het eind van de oorlog en kort daarna. In de lezing gaat het over de verklaring van SS'er Rauter, dat de politiemensen hem gehoorzaamheid verschuldigd waren. Wie niet gehoorzaamde zou zwaar gestraft worden. Wie bleef had maar te luisteren naar de gegeven commando's.

KOPSTUKKEN Putten kende twee 'foute' kopstukken. De waarnemend burgemeester Frits Klinkenberg, een berucht jodenjager. Hij was de opvolger van jonkheer M.L. van Geen die in 1941 werd afgezet. Klinkenberg verdween na Dolle Dinsdag, 5 september 1944, ineens uit Putten om later op te duiken in Borculo.

Ook de NSB-leider Piet Goedvree bleek na Dolle Dinsdag ineens verdwenen. Hij maakte ook jacht op joden en verzetsmensen. ,,Een man", zo zegt Evert de Graaf, die veel leed heeft veroorzaakt. Na het verdwijnen van die twee kopstukken brak een strijd om de macht uit.''

GELDEN Met name mannen als Harm Onstenk en Piet Overdijk lieten zich gelden. Ze wilden de macht grijpen. Ze hadden afspraken gemaakt met het verzet na de razzia van 1 en 2 oktober 1944. De politie moest tijdens de razzia nauw samenwerken met de Duitsers, maar wilde ook goede contacten onderhouden met het verzet, om dit soort aanslagen te voorkomen. Het verzet was echter eind 1944 ook enige leiders kwijtgeraakt vanwege arrestaties door de nazi's.

Zo werd Berend Dijkman op 15 november gearresteerd. Dat gebeurde tijdens een inval bij bakker Drost in Ermelo, waar de leiding van het verzet een vergadering had. Het gehele verzetsarchief, dat altijd verborgen lag op het terrein van het voormalige zwembad, lag op tafel. Het viel in handen van de Duitsers, die hiermee over alle gegevens van het verzet beschikten. Niet alleen Dijkman werd gearresteerd, maar ook veel andere verzetsmensen. De meesten overleefden het niet.

De lezing in de Mariahoeve begint om 20.00 uur en de zaal is open vanaf 19.30 uur. De entree bedraagt 4,00 euro inclusief koffie/thee.